Over het grote idee achter een frambozentaart. Natuurlijk geen gewone taart maar de ‘Raspberry Pi’, een kleine, goedkope en naakte computer. Straight up. Zonder franjes, zelfs zonder behuizing. Een printplaat met enkele aansluitingen en spartaanse software. Een tegenreactie, de andere kant van de slingerbeweging zoals we ook de Johns Phone al tegenkwamen.
De Raspberry Pi werd ontwikkeld in Cambridge, met als doel ‘to create a new generation of British gaming greats’. Een idee dat gegroeid is uit frustratie met het huidige onderwijssysteem, zo vertelde de ontwikkelaars aan gamesindustry.biz. Blijkbaar zit het aantal studenten computerwetenschappen in vrije val. Hardware en software werd te toegankelijk, te gemakkelijk, waardoor er  niet meer voldoende aandacht wordt geschonken aan het èchte computing, het èchte code-werk.

Achter de Raspberry Pi zit een groep van mensen gedreven door een bepaald idee. Een streven. ‘Charity’ noemen ze het zelf. Hun computer moest klein en goedkoop zijn, toegankelijk dus voor kinderen en jongeren. Geen one-button-simplicity, maar een toestel met verschillende programmeertalen en mogelijkheden, uitdagend om hen te laten experimenteren met code.
De Raspberry Pi is een succesje. Bij de officiële lancering vorige week telden ze maar liefst 700 (zevenhonderd!) bestellingen per seconde !? En als bijkomende indicatie voor het succes zien we in de slipstream al ‘meelifters’, slimme ontwikkelaars van bijhorende cases etc.

‘Learn how to code’ is echt wel trending. Ben de laatste maanden al tig verhalen en initiatieven hierrond tegengekomen. Codeyear is er een mooi voorbeeld van, met een start-to-run approach et al. Het begint te kriebelen.

Man man. In de beginne moesten we kunnen rekenen, schrijven en een vleugje aardrijkskunde. Daarna hebben we geleerd om met 2 woorden spreken, met mes en vork te eten en niet te mailen in kapitalen. Het streven naar mediawijsheid van onze kids is ook al de revue gepasseerd. Allez, bij ons staat dat nog allemaal op ‘t programma. Maar, lieve Fienelot en Tobias, het volgende op die lijst wordt blijkbaar ‘leren coderen’.

Als Peter Hinssen schreef dat we nog maar halfweg zijn, in het gebruik van en de omgang met digitale media gaat coderen toch nog een stapje verder. Rechtstreeks naar de fundamenten, greep (proberen te) krijgen. Eigenlijk wel een mooi en groot idee van die frambozen-mannen. Niet enkel voor de game-industrie, me dunkt.